 |
 |
 |
| Textuur |
Celstructuur tangentiale vlak |
Celstructuur dwarse vlak |
Botanische naam:
Olea europaea L
Groeigebied:
Rond de Middellandse zee.
Belangrijke toepassingen:
Olijfbomen worden aangeplant voor de teelt van olijven. De bruikbare zaagstammen en planken met kernhout worden vaak gebruikt voor draaiwerk, beeldhouwwerk, kunst en meubels.
Kleuromschrijving:
Het kernhout is geel tot bruin, vaak prachtig getekend door donkerbruine tot zwarte nerven. Het lichtbruine spint donkert na tot bruin
Draad en nerf:
Olijfhout heeft onregelmatige draden en spiraalgroei. De nerf is fijn en dicht.
Werking:
Door de hardheid is het hout moeilijk te splijten en niet makkelijk te bewerken.
Volumieke massa:
De massa is 830-1020kg/m3 bij 12% vochtgehalte.
Inhoudsstoffen:
Oliehoudend.
Duurzaamheid:
Olijfhout is bestand tegen schimmels en de olijfboom kan wel 300 jaar lang doorgroeien.
Bewerkbaarheid:
Olijfhout is hard, sterk, zwaar en slijtvast. Het is niet makkelijk te bewerken maar polijsten gaat wel goed. Draaien en snijden kan qua bewerking van deze houtsoort wel goed. Bij spijkeren en schroeven moet worden voorgeboord. Lijmen en buigen gaat redelijk goed bij deze houtsoort.
Oppervlaktebewerking:
Olijfhout laat zich goed bewerken.
Algemene uitstraling:
De olijfboom is een kleine, soms gedrongen en grillig gevormde boom die rond de Middellandse Zee voorkomt. Het hout kan fraaie tekeningen vertonen en olijfhout heeft vanwege de grillige vorm van de stammen vaak scheurtjes. Verder is het hout te gebruiken voor luxe producten.